Extra pensioen zzp-er

Als zzp’er moet je bovenop de AOW-uitkering sparen voor een pensioen. Voor de meeste zzp’ers is het niet verplicht om lid te worden van een pensioenfonds; schilders en stukadoors, artsen, dierenartsen, verloskundiƒgen, apothekers en havenloodsen zijn hiertoe verplicht.

Een zzp’er kan vrijwillig fiscaal voordelig of fiscaal voordelig een eigen pensioenfonds opbouwen. De fiscaal vriendelijke weg levert in de meeste gevallen beduidend meer pensioenkapitaal op dan sparen voor jouw pensioen als privévermogen zonder gebruik te maken van de fiscale voordelen die daarmee gepaard gaan.

Het is op verschillende manieren mogelijk om als zzp’er een fiscaal vriendelijk pensioen op te bouwen. Als zogenaamde ‘ouderdomsreserve’ kan je het pensioenvermogen van de onderneming beschikbaar houden en beleggen in een lijfrente.

Voor het aanleggen van een oudedagsreserve is ondernemerschap vereist voor de inkomstenbelasting en een BV is geen optie. Ook ondernemers moeten zich aan een strak werkschema houden. Om jouw bedrijf goed te laten draaien, moet je minimaal 1.225 uur per jaar werken. Het kan zijn dat je aan het begin van elk kalenderjaar de leeftijd waarop je in aanmerking komt voor de AOW nog niet heeft bereikt.

pensioen

Bedrag gereserveerd voor ouderen

Op de balans van jouw onderneming staat de ouderdomsreserve als reserve voor jouw pensioen. Het is een percentage van jouw winst van het lopende jaar dat je opzij zet voor een ouderdomsfonds. Doping is een andere naam voor deze reservering. De ouderdomsreserve kan in 2020 oplopen tot € 9.218, ofwel 9,44 procent van de winst van uw onderneming.

Je hebt in elk willekeurig jaar de mogelijkheid om het gehele ouderdomsfonds te reserveren of helemaal niet. Het is niet toegestaan ​​om in een bepaald jaar slechts een gedeelte van de oudedagsreserve te reserveren.

In theorie kan je het saldo op jouw balans blijven gebruiken als oudedagsreserve om zaken te blijven doen. Met een lijfrente kan je jouw oudedagsreserve geheel of gedeeltelijk beleggen.

Er is geen limiet aan het bedrag dat je kunt sparen voor het pensioen.

Pensioensparen en inkomstenbelasting

Uw oudedagsreserve, als deze niet is omgezet in een lijfrente, kan iets waard zijn voor het bedrijf als je niet alles uitgeeft. Uit deze aangifte wordt de winst van de onderneming berekend en dienovereenkomstig belast. Een deel van de balans dat is aangemerkt als ouderdomsreserve is vrijgesteld van vermogensbelasting.

Een forfaitaire uitkering van uw opgebouwde pensioengelden wordt gedaan wanneer je uw functie als bedrijfsleider verlaat (of met pensioen gaat). Heb je geen lijfrente voor je oudedagsvoorziening, dan moet je over het gehele bedrag ineens inkomstenbelasting betalen. Je betaalt dan inkomstenbelasting over het totale bedrag dat je in de loop van de tijd in het ouderdomsfonds heeft belegd. Over de aangifte die je op dat moment met uw oudedagsreserve heeft gedaan, hoef je geen inkomstenbelasting meer te betalen.

Zolang je de ouderdomspensioen als lijfrente heeft afgelost, kan je de lijfrente vanaf de pensioengerechtigde leeftijd in termijnen laten uitbetalen. Voordelen worden belast als inkomen. Omdat je niet de volledige belastingvordering in één keer hoeft te betalen, vallen uw maandlasten meestal in een lagere belastingschijf, in tegenstelling tot een eenmalige betaling.

Als je de oudedagsvoorziening niet jaarlijks tussentijds afstort in een lijfrente, loop je het risico dat je bij het sluiten van uw bedrijf een belastingclaim krijgt die je niet meer kunt waarmaken omdat je niet genoeg kapitaal op voorraad heeft .

Lijfrenten kunnen worden gebruikt om een ​​pensioenfonds op te bouwen.

Wat is in de financiële wereld het verschil tussen een lijfrente en een pensioen?

Een pensioenreservering in de vorm van een lijfrente. Lijfrentebetalingen moeten worden gedaan aan een bank, beleggingsonderneming of verzekeringsmaatschappij. Pensioensparen, pensioenbeleggen en verzekeren vallen allemaal onder deze paraplu.

Als het gaat om de jaarmarge, wat is dan het verschil tussen de jaarmarge en de reserveringsmarge?

Fiscaal is er een limiet aan het bedrag dat je als lijfrente opzij kunt zetten. Je kunt dit de ‘financiële ruimte’ noemen. Uw jaarruimte en uw reserveringsruimte zijn hierin inbegrepen. Om uw jaarmarge voor het lopende jaar te bepalen, moet je weten hoeveel je het voorgaande jaar heeft verdiend. Naast de jaarruimte kan de zogenaamde reserveringsmarge worden gebruikt. Het bestaat uit de jaarlijkse ruimtes die je de afgelopen zeven jaar niet hebt gebruikt. Om weer op het goede spoor te komen, stort je het naast je jaargeld.

De jaarmarge is gelijk aan 13,3 procent van de winst van het voorgaande jaar. Je moet € 12.472 (de AOW-franchisevergoeding) aftrekken van uw jaarlijkse winstmarge. In 2020 is de jaarlijkse winstmarge beperkt tot € 12.968.

Bron van dit artikel is afkomstig van Pensioen Aan,  E-Business News,  Creative consultant, Creative shake , freshZZP en AV Studenten.

Nieuwste blogs